Boek
Nederlands
Dagboek van de Roemeense schrijfster van blijspelen (1929- ) over haar verblijf in het concentratiekamp Auschwitz.
Titel
De mooie dagen van mijn jeugd
Auteur
Ana Novac
Vertaler
Goverdien Hauth-Grubben
Nawoord
Robert Jan Van Pelt
Taal
Nederlands
Oorspr. taal
Hongaars
Oorspr. titel
A péboly hétköznapjoi
Editie
1
Uitgever
Utrecht: Signatuur, 2010
254 p., [8] p. pl.
Aantekening
Nederlandse vertaling gebaseerd op de herziene Franse en Duitse editie
ISBN
9789056723415 (hardback)

Andere talen:

Beschikbaarheid in Vlaamse bibliotheken

Meer dan 100 keer in Vlaamse bibliotheken

Besprekingen

Ana Novac, pseudoniem van Zimra Harsányi, werd in mei 1944 op vijftienjarige leeftijd naar Auschwitz gedeporteerd. Op deze plek en in nog andere kampen waar zij haast één jaar lang rondgesjouwd werd, hield zij een dagboek bij. In een noot van de uitgever lezen we dat het boek, dat aanvankelijk in het Hongaars werd geschreven, eerst in het Roemeens werd gedicteerd aan de Roemeense dichter Jan Palvulescu, die de tekst vervolgens vertaalde naar het Frans. Na vier uitgaven in het Frans werd de tekst door de auteur opnieuw bewerkt tot de versie die uiteindelijk in het Nederlands werd vertaald. Naast deze informatie bevat het boek ook een voorwoord van de auteur, en een nuttig essay waarin historicus Robert Jan Pelt het historische kader van Novacs deportatie schetst en ingaat op het waarheidsgehalte van haar getuigenis.
De mooie dagen van mijn jeugd is niet zomaar een variant van bijvoorbeeld Anne Franks Achterhuis. Daarvoor verschilt de blik die Novac werpt op de realite…Lees verder
Toen de Roemeense schrijfster van succesvolle blijspelen Ana Novac (1929) na de oorlog haar dagboek terugvond was dat de enige herinnering die zij aan Auschwitz had; het kamp zelf was zij vergeten, schreef ze in het voorwoord dat bij de eerste Nederlandse vertaling in 1970 gevoegd werd. Het boek was uit het Duits vertaald, terwijl Novac haar Hongaarse tekst gedicteerd had aan een Roemeense dichter die geen Hongaars kende en het in het Frans vertaalde. Novac zou in Parijs een Franse schrijfster worden, en bij een recente heruitgave heeft zij het boek vooral taalkundig gecorrigeerd, maar andere toevoegingen geven blijk van een perspectief achteraf. Pas na de oorlog werd zij slachtoffer; in het dagboek van enkele maanden Auschwitz in 1944 is zij dat helemaal niet: ironisch, rebels, scherp waarnemend. Die kracht heeft het boek na al die jaren nog. Terecht merkt de schrijver van het nawoord, Robert Jan van Pelt, dat zulke teksten zonder context nu nog moeilijk te lezen zijn, die lacune vul…Lees verder