Boek
Nederlands
Andere formaten
Toegankelijke formaten:

De peperdans van Panzibas : met zachte verzen van H. Duif

Harm De Jonge (auteur), Noëlle Smit (illustrator)
+1
De peperdans van Panzibas : met zachte verzen van H. Duif
×
De peperdans van Panzibas : met zachte verzen van H. Duif De peperdans van Panzibas : met zachte verzen van H. Duif

De peperdans van Panzibas : met zachte verzen van H. Duif

Doelgroep:
Vanaf 9-11 jaar
Manne zit graag bij de plas, waar zijn vrienden H. Duif, Pa Pad en de anderen dieren praten over Panzibas, het land voorbij de Eindstreep. Allemaal dromen ze over hoe het daar zal zijn. Vanaf ca. 9 jaar.
Titel
De peperdans van Panzibas : met zachte verzen van H. Duif / Harm de Jonge ; en ill. in kleur van Noelle Smit
Auteur
Harm De Jonge
Illustrator
Noëlle Smit
Taal
Nederlands
Uitgever
Amsterdam: Van Goor, 2004
94 p. : ill.
ISBN
90-00-03580-5

Andere formaten:

Toegankelijke formaten:

Beschikbaarheid in Vlaamse bibliotheken

Meer dan 50 keer in Vlaamse bibliotheken

Besprekingen

Met zijn intrigerende titel en wonderlijk mooie kaft belooft dit boek zo'n typische dierenvertelling te worden waar de Nederlandse jeugdliteratuur een patent op heeft. Enige pagina's ver in de tekst denk je al aan Erik of het klein insectenboek, maar Harm de Jonge gaat zijn eigen weg, is geen copycat van Bomans of Tellegen. De sleutel tot het dierenrijk in zijn verhaal is de pepermunt. Wanneer de jongen Manne Mens op zo'n muntje zuigt, kan hij de dieren verstaan die zich bij een plas niet ver van zijn huis ophouden. Of, zo kan je het ook interpreteren, dagdroomt hij een eindje weg, want hij moet voor school een werkstuk maken over 'de dieren bij de plas', en heeft ook zo zijn zorgen over een aantrekkelijk meisje uit zijn klas. De dieren bij de poel hebben elk hun typische antropomorfische karaktertrekken: Pa Pad is een bazige slokop, Harrie Oudebok lust wel een groen blaadje, Bluebel Libel is een flirterige juffer, Simone Steekmug doet geniepig gemeen, etc. De dieren blijken nogal bek…Lees verder
Manne Mens zit graag bij de plas, waar hij luistert naar de gesprekken tussen dichter H. Duif, de sombere Mors Mol, de vrolijke, flirtende Bluebel Libel, de (waan?)wijze Pa Pad en de andere dieren. Ze dromen over het land voorbij de Eindstreep: Panzibas. In twaalf, min of meer op zichzelf staande hoofdstukken filosoferen de dieren over de grote vraagstukken van het leven: liefde, dood en wat daarna komt. Ieder dier levert vanuit zijn eigen karakter een bijdrage: de zweverige levensvreugde van de dichtende duif staat tegenover het sombere nihilisme van de mol. De gesprekken zijn vaak humoristisch en geven goed 'de aard van het beestje' weer. Hierdoor blijft het boek, ondanks een maximum aan dialoog en een minimum aan actie, toch wel boeiend voor kinderen. De prozatekst wordt afgewisseld door gedichten van H. Duif en paginagrote zwierige, kleurige illustraties die herinneringen oproepen aan de op volkskunst geïnspireerde prenten uit de jaren ’70. De filosoferende dieren doen sterk denke…Lees verder

De Peperdans van Panzibas

Manne Mens, een jongetje en tegelijkertijd het enige menselijke wezen in dit verhaal, zit elke dag bij de waterplas waar vele dieren leven. Hij zit daar steeds op de Blauwe Steen en zuigt voortdurend op pepermuntjes. Door die Blauwe Steen ziet hij wat niemand kan zien en door die pepermuntjes hoort hij wat niemand kan horen, nl. de dieren van de waterplas en wat ze zeggen. Zo is er Saar Slak die bang is dat ze opdroogt, Zorrie de vreemde zebravink, de sombere Mors Mol, Bluebel Bosmuis, H. Duif die zachte verzen schrijft, Simone Steekmug die nooit welkom is, enz … Elke dag is het er een drukte van belang. De dieren kletsen wat raak, ze roddelen, ze stellen vragen, ze mopperen, ze dromen … Allemaal dromen ze van die prachtige, andere wereld: Panzibas. En ondertussen is Manne stiekem verliefd op Bobél, het zwarte meisje uit zijn klas. Rode draad doorheen dit verhaal is het werkstuk dat Manne moet maken voor school over het leven op en rond de waterplas. De dieren zijn net als mensen. …Lees verder

Suggesties