De Kapellekensbaan
Abel Gholaerts
Roman met autobiografische inslag gei͏̈nspireerd op de jeugd van de schilder Vincent van Gogh en gesitueerd in het katholieke Vlaanderen.
Details
Persoononderwerp
Boon, Louis Paul,
van Gogh, Vincent
Titel
Abel Gholaerts / Louis Paul Boon ; teksteditie en nawoord Kris Humbeeck (wetenschappelijke leiding), Britt Kennis (coördinatie), Ernst Bruinsma, Anne Marie Musschoot, Matthijs de Ridder, Yves T'Sjoen
Auteur
Louis Paul Boon
Redacteur
Kris Humbeeck
Taal
Nederlands
Uitgever
Amsterdam: De Arbeiderspers, 2008 (Andere uitgaven)
424 p.
424 p.
ISBN
9789029566421
Besprekingen
Leeswolf
In de ontstaansperiode van Abel Gholaerts, de vroege jaren '40, worstelden de schilder en de…
In de ontstaansperiode van Abel Gholaerts, de vroege jaren '40, worstelden de schilder en de schrijver in Boon nog om de bovenhand. Waarschijnlijk de feiten ietwat vereenvoudigend suggereert Boon in een brief aan zijn uitgever dat hij zich heeft laten meeslepen door het enthousiasme van zijn vrouw over de 10.000 frank prijzengeld voor zijn debuutroman De voorstad groeit. "Misschien omdat ik liever opnieuw zou geschilderd hebben, beschreef ik het leven van een schilder."
Een levensbeschrijving dus, een ontwikkelingsroman, dat doet wel erg klassiek aan voor wie vertrouwd is met Boons werk. We volgen het leven van Abel, de bastaardzoon van onderpastoor Vincent. Vader en zoon zijn gevangen in een vruchteloze zoektocht naar de zin van het bestaan. Beiden hebben een existentiële angst voor het leven, dat te groot is voor hen. Rede en instinct (begeerte naar de vrouw), christelijke zelfopgave en de onweerstaanbare kunstenaarsdrang vechten in Abel om de bovenhand. Onverschilligheid en spot van de maatschappij worden zijn deel, 'melaatse koerekes' en de meest vervallen krochten zijn biotoop, wanhoop, vertwijfeling zijn dagelijks brood. De mensen van wie Abel meent dat ze hem begrijpen, zijn net zoals zij verloren gelopen in de doolhof van de grootstad. Zijn angst belet hem om als zijn broer onvervaard en zonder zich te veel het hoofd te breken het leven in te stappen. Die broer is een van de weinige krachtige figuren en het is hij die zich om Abel bekommert als die weer eens ziek, uitgeput, uitgehongerd de hand ophoudt.
Aan zijn vriend Morris schrijft Boon: "Het wordt een stuk van mijn hart. En ik heb angst. Angst. Angst." Dit tweede boek graaft inderdaad diep; Boon stelt hier scherper, vertwijfelder de vraag naar de zin van het leven. De eenzaamheid van Abel Gholaerts en zijn vader is in Boons oeuvre misschien alleen te vergelijken met die van de hoofdpersoon van het postuum verschenen Eros en de eenzame man. Zeker, de jonge Boon laat zich bijwijlen verleiden tot pathetische formuleringen en de pikzwarte romantiek werkt soms wat kunstmatig. Maar Boon zou Boon niet zijn als ook in dit boek weer geen grootse bespiegelingen in het detail verscholen zouden zitten. De beelden die hij oproept, hebben soms dezelfde intensiteit als de beste houtsnedes van Frans Masereel. Abel Gholaerts is een bijzonder werk in het oeuvre van de auteur. [Kris Lauwerys]
Een levensbeschrijving dus, een ontwikkelingsroman, dat doet wel erg klassiek aan voor wie vertrouwd is met Boons werk. We volgen het leven van Abel, de bastaardzoon van onderpastoor Vincent. Vader en zoon zijn gevangen in een vruchteloze zoektocht naar de zin van het bestaan. Beiden hebben een existentiële angst voor het leven, dat te groot is voor hen. Rede en instinct (begeerte naar de vrouw), christelijke zelfopgave en de onweerstaanbare kunstenaarsdrang vechten in Abel om de bovenhand. Onverschilligheid en spot van de maatschappij worden zijn deel, 'melaatse koerekes' en de meest vervallen krochten zijn biotoop, wanhoop, vertwijfeling zijn dagelijks brood. De mensen van wie Abel meent dat ze hem begrijpen, zijn net zoals zij verloren gelopen in de doolhof van de grootstad. Zijn angst belet hem om als zijn broer onvervaard en zonder zich te veel het hoofd te breken het leven in te stappen. Die broer is een van de weinige krachtige figuren en het is hij die zich om Abel bekommert als die weer eens ziek, uitgeput, uitgehongerd de hand ophoudt.
Aan zijn vriend Morris schrijft Boon: "Het wordt een stuk van mijn hart. En ik heb angst. Angst. Angst." Dit tweede boek graaft inderdaad diep; Boon stelt hier scherper, vertwijfelder de vraag naar de zin van het leven. De eenzaamheid van Abel Gholaerts en zijn vader is in Boons oeuvre misschien alleen te vergelijken met die van de hoofdpersoon van het postuum verschenen Eros en de eenzame man. Zeker, de jonge Boon laat zich bijwijlen verleiden tot pathetische formuleringen en de pikzwarte romantiek werkt soms wat kunstmatig. Maar Boon zou Boon niet zijn als ook in dit boek weer geen grootse bespiegelingen in het detail verscholen zouden zitten. De beelden die hij oproept, hebben soms dezelfde intensiteit als de beste houtsnedes van Frans Masereel. Abel Gholaerts is een bijzonder werk in het oeuvre van de auteur. [Kris Lauwerys]
NBD Biblion
Redactie
Ruim nadat Louis Paul Boon (1912-1979) in 1943 debuteerde met 'De voorstad groeit' kwam hij met een…
Ruim nadat Louis Paul Boon (1912-1979) in 1943 debuteerde met 'De voorstad groeit' kwam hij met een roman die hij zelf bij nader inzien ook maar matig vond: 'Abel Gholaerts'. Boon begon dit boek om eens 'te zeggen wat er in mij is', maar hij entte zijn gevoelsleven op het leven van Vincent van Gogh. Dat is ook meteen het probleem van deze roman: alle op zichzelf interessante thema's van Boon worden behoorlijk geforceerd op het leven van de schilder gelegd. Boon had aanvankelijk het idee om er een tweede deel aan toe te voegen, maar omdat hij niet tevreden was over dit deel verscheen dat tweede deel natuurlijk niet. Herdruk is dan ook bijna een kwart eeuw door de schrijver tegengehouden. Deze editie verschijnt als tweede deel van het Verzameld Werk; Kris Humbeeck tekende voor het informatieve nawoord en samen met een aantal anderen voor de teksteditie. Met noten en bibliografie. Vrij kleine druk.