Boek
Nederlands

Kip, ik heb je!

Quentin Gréban (auteur), Ineke Ris (vertaler)
+1
Kip, ik heb je!
×
Kip, ik heb je! Kip, ik heb je!
Doelgroep:
Vanaf 3-5 jaar
Een panda trekt rond met zijn woonwagen en wordt ervan beschuldigd een kip gestolen te hebben. Hij weet zelf van niets, maar dan gebeuren er allerlei vreemde dingen…
Onderwerp
Dieren
Titel
Kip, ik heb je!
Auteur
Quentin Gréban
Vertaler
Ineke Ris
Taal
Nederlands
Oorspr. taal
Frans
Oorspr. titel
Gipsy panda
Editie
1
Uitgever
Rijswijk: De Vier Windstreken, 2011
[26] p. : ill.
ISBN
9789051161915 (hardback)
Plaatsingssuggestie
Humor (ZIZO)
Andere talen:

Beschikbaarheid in Vlaamse bibliotheken

Besprekingen

Panda wordt uigemaakt voor kippendief, maar zelf weet hij van de prins geen kwaad. Hij ziet niet dat er een kip meereist op het dak van zijn woonwagen. Als hij dat uiteindelijk wel in de gaten krijgt, laat die kip zich nog niet zo gemakkelijk vangen. De kracht van dit prentenboek ligt vooral in de illustraties: zachte, uitvloeiende aquarel in combinatie met fijne potloodlijnen. De tekst geeft de gedachten van Panda weer in de ik-vorm. Dat biedt ondersteuning bij de platen die uitnodigen tot aanwijzen en vertellen. Leuk is dat Panda in een groot gedeelte van het boek de kip niet ziet, maar de oplettende kijker wel. Jonge kinderen zullen daarvan genieten. Op het kleurige omslag staat een van de paginagrote illustraties afgebeeld. Vanaf ca. 4 jaar.

Kip, ik heb je!

Panda trekt met zijn woonwagentje nietsvermoedend rond tot plots iemand naar hem schreeuwt: “Kippendief!”. Panda heeft helemaal geen kip gestolen! Maar vanaf dat moment duiken er af en toe witte kippenveertjes op. Waar zit die kip toch? Ver is ze niet…
Een eenvoudig verhaaltje dat grappig wordt door de tekeningen die erbij horen. Je voelt je als (kleine) lezer of kijker slimmer dan de pandabeer. Want op de tekeningen is de kip altijd wel ergens te ontdekken. De meeste kinderen vinden dat heel leuk. De aquareltekeningen zijn wel aardig maar eerder klassiek te noemen. Ook de verhaaltekst gaat zijn gezapige gangetje. Het is allemaal nogal expliciet en traag, maar dat heeft als voordeel dat ook jonge kleuters goed kunnen volgen.
Eén van de leukere stukjes van het verhaal vond ik het slot. Ik verklap hier al even dat het laatste woordje in het boek ‘knor’ is.
Al bij al een gezellig verhaaltje dat bij de meeste kinderen wel in de smaak zal vallen.
 

Over Quentin Gréban

Quentin Gréban (1977, Brussels Hoofdstedelijk Gewest) is een Belgische tekenaar en boekillustrator.

Kunstcarrière

Quentin Gréban studeerde voor illustrator aan het Sint-Lukasinstituut te Brussel. Vrij jong was hij een verwoed striplezer en schepte er een genoegen in deze na te tekenen. Vanaf zijn 18e jaar begon hij door zijn opleiding zich sterk te interesseren voor boekillustraties voor kinderboeken. Hij werd beïnvloed door het werk van van Lisbeth Zwerger, de cinema van Jean-Pierre Jeunet en Tim Burton. Hij houdt van de kunst van Manet en Mucha.
Gréban illustreerde en schreef sinds 1999 meer dan 50 kinderboeken in verschillende talen. Naar eigen zeggen is hij sterk geïnspireerd door de sprookjes van Hans Christiaan Andersen. De kunstenaar die momenteel in Wemmel woont, werkt vooral met zachte waterverfkleuren met uitdrukkingsvolle figuurtjes waarmee hij een herkenbare beeldtaal sc…Lees verder op Wikipedia

Suggesties