Boek

Meer verhalen van de sprookjesverteller

Meer verhalen van de sprookjesverteller
×
Meer verhalen van de sprookjesverteller Meer verhalen van de sprookjesverteller
Boek

Meer verhalen van de sprookjesverteller

Nederlands
2009
Vanaf 3-5 jaar
Elf bekende en minder bekende sprookjes in eigentijdse taal toegankelijk gemaakt voor kinderen. Met veel kleurige illustraties. Vanaf ca. 4 jaar.
Genre Sprookjes
Titel Meer verhalen van de sprookjesverteller / geïll. en verteld door Thé Tjong-Khing
Taal Nederlands
Uitgever Haarlem: Gottmer, 2009
111 p. : ill.
ISBN 9789025745509

NBD Biblion

Mart Seerden
In deze schitterende uitgave worden elf (vrij) bekende sprookjes* herverteld en illustratief opnieuw tot leven gebracht. De auteur, vooral bekend als illustrator, bewijst opnieuw dat hij ook een uitnemend verteller is. In taal met een bijzonder lichte toets, vol suggestie en spanning, maar ook ruig en raak waar de sprookjevertelling om kordate maatregelen vraagt: ‘… en als je dan van dat stro geen goud hebt gesponnen, laat ik je hoofd afhakken’, worden de volgende sprookjes op voorbeeldige wijze van een nieuw arrangement voorzien: Tafeltje, dek je!, De visser en zijn vrouw, De wolf en de zeven geitjes, De gelaarsde kat, Repelsteeltje, Blauwbaard, Rapunzel, De rattenvanger van Hamelen, Eenoogje, Tweeoogje en Drieoogje, De prinses op de erwt en De drie wensen. Een uitgave die blijft fascineren: elk sprookje wordt ingeleid met een kleurige, paginagrote prent (verf, inkt, pastel) en de eerste letter van elk sprookje wordt gevat in een passend monogram. De illustraties zitten boordevol goed gekozen verhoudingen: dynamiek, groot en klein, blijdschap en angst, dwingend perspectief en dwalend overzicht. De tekst bevat de kernen van elk sprookje en die kernen zitten vol eigentijdse taal en dialoog. Prachtig om voor te lezen en te bekijken met kinderen vanaf ca. 4 jaar.

Pluizer

Meer verhalen van de Sprookjesverteller
Hilde de Boeck - 22 januari 2015

Dit is geen klassiek sprookjesboek. De schrijver wisselt bekende sprookjes zoals 'De wolf en de zeven geitjes', 'De prinses op de erwt', 'Repelsteeltje' af met minder gekende sprookjes: 'De visser en zijn vrouw', 'Blauwbaard', 'Eénoogje, tweeoogje, drieoogje'. Bijna alle verhalen beginnen klassiek met lang, lang geleden of er was eens. De auteur maakt er een erezaak van de verhalen op het niveau van kleuters na te vertellen. Zo last hij af en toe een verduidelijking in of spreekt hij de lezer rechtstreeks aan. Enkele voorbeelden: Ach botje, - want dat was wat hij gevangen had: een bot, dat is een soort vis - , (p. 19) en Je begrijpt dus wel wie in de doodskisten lagen: ... (p. 71). Op het einde van elk verhaal wordt er nog een klein stukje toegevoegd. Dit is de mening van de schrijver of een boodschap naar de lezer toe, de moraal van het verhaal. Bijvoorbeeld: Natuurlijk is het niet goed wat die rattenvanger deed, om alle kinderen uit het stadje weg te lokken. Maar aan de andere kant, als je iets belooft dan moet je dat ook wel doen. Toch? (p. 89) Dit lokt reacties uit bij de lezer en maakt het interactief. Af en toe is er een humoristische noot. De prachtige tekeningen en de klare bladspiegel met op elke dubbele bladzijde een tekening maken het geheel aangenaam om voor te lezen. De stijl is heel direct: het is alsof de schrijver het verhaal aan jou vertelt.