Livre
Néerlandais

Hier heeft de oudste steen gelijk : een zomerdagboek

Ingmar Heytze (auteur)

Hier heeft de oudste steen gelijk : een zomerdagboek

Dans la série:
Dagboek van de Nederlandse dichter (1970- ) over de zomer 2001.
Titre
Hier heeft de oudste steen gelijk : een zomerdagboek
Auteur
Ingmar Heytze 1970-
Langue
Néerlandais
Éditeur
Sans lieu de publication: De Prom, 2002
158 p. : ill.
ISBN
90-6801-815-9

Disponibilité dans les bibliothèques flamandes

Disponible plus de 2 fois dans les bibliothèques flamandes

Commentaires

Omwille van zijn (gecultiveerde?) reisangst lijkt dichter-performer Ingmar Heytze er wel toe veroordeeld voor eeuwig en altijd binnen het veilige gebied van zijn stad Utrecht te blijven (rond-)cirkelen. Op vraag van zijn uitgever hield de man een 'zomerdagboek' bij voor het jaar 2001. Van juni tot september volgen we hem door al zijn beslommeringen heen, van het schrijven van een aantal gedichten, al of niet in opdracht, het optreden voor een al of niet talrijk publiek tot en met het eeuwige gevecht met het blanco blad om dan toch tegen de deadline aan een tekst, een gedicht, een column klaar te hebben. Zeer af en toe slaagt Heytze er ook in het loutere feitenrelaas te overstijgen en zelfs een indruk van diepzinnigheid te wekken, bv. wanneer hij het expliciet heeft over het schrijven in een kroeg. Over kroegen gesproken: aan drank en erbij horende katers achteraf geen gebrek in dit dagboek. Vaak lijkt het er ook op dat Heyte zichzelf zonodig als dichter moet positioneren: "Ik heb alti…Lire la suite
In de zomer van 2001 hield de Nederlandse dichter Ingmar Heytze (1970) op verzoek van uitgeverij De Prom een dagboek bij. Daarin komt de lezer Heytze in verschillende hoedanigheden tegen: als één van de initiatiefnemers van de Utrechtse museumnacht, als mopperaar over de traagheid van 's Stads Bestuurderen, als bezoeker van kunstmanifestaties en -podia, en als dichter en columnist, met deadlines en stress. Daartussendoor laat Heytze zich kennen als kwetsbaar mens, die zich veelvuldig moet verantwoorden tegenover de buitenwereld: over zijn reisfobie, over zijn podiumkunst, waarvan "een echte dichter" zich nog altijd min of meer distantieert. Een verbroken relatie en de lompe bejegening door "literatuur-pausen" zouden de dagboekschrijver tot wanhoop kunnen drijven zonder zijn vermogen tot relativeren. Het veelvuldig kroegbezoek met "de jongens" zal de lezer wellicht irriteren, maar de aardige oneliners, de grappige en rake observaties, de eerlijke zelfreflectie en vooral ook de originel…Lire la suite