Livre
Néerlandais
Een 11-jarige Deense jongen woont in een rijtjeshuis met zijn jongere broertje. Ze vluchten voor de grotere kinderen en vernederen de kleineren. Hun kinderwereld is genadeloos.
Titre
Sumobroers : roman
Auteur
Morten Ramsland
Traducteur
Gerard Cruys
Langue
Néerlandais
Langue originale
Danois
Titre original
Sumobrødre
Édition
1
Éditeur
Amsterdam: De Arbeiderspers, 2011
220 p.
ISBN
9789029578462 (paperback)

Disponibilité dans les bibliothèques flamandes

Disponible plus de 50 fois dans les bibliothèques flamandes

Commentaires

Lars is elf en woont in een buitenwijk van Odense, de Paradijstuin. Zijn vader verkoopt veters en is soms dagenlang weg van huis, zijn broertje wordt Overbeet genoemd en moet een grote buitenbeugel om. Zijn grootouders spelen een nogal mysterieuze rol in zijn leven: de vader van zijn vader probeert hem ei zo na te kidnappen, en zijn grootvader aan moederskant valt het gezin ’s nachts telefonisch lastig. In de loop van het verhaal ontdekt Lars dat zijn ouders zelf ook wel wat voor hem en voor elkaar te verbergen hebben.
Het gros van zijn vrije tijd brengt Lars door in het gezelschap van losgeslagen speelkameraadjes. Hij wreekt zich op de pestkoppen van zijn broertje maar maakt zijn gehandicapte buurjongen even vaak zelf het leven zuur door uitwerpselen over het tuinhek te gooien. De baldadigheden gaan veel verder dan kattenkwaad. Lars lokt een jongen naar het veen, bindt hem vast aan een boom met een prop in zijn mond, en laat hem daarna de hele nacht verpieteren. Een keer gaat hi…Lire la suite
'Sumobroers' is in een andere stijl geschreven dan 'Hondenkop', de eerder vertaalde roman van de Deense schrijver (1971). Nu geen sappige, lange zinnen, maar korte hoofdstukken met eenvoudige zinnen. Ik-persoon Lars is elf en woont in een rijtjeshuis in Odense, hoofdstad van het Deense eiland Fyn, waar ook sprookjesschrijver H.C. Andersen is opgegroeid. Lars en zijn jongere broertje Overbeet vluchten voor de groteren en vernederen de kleineren. Hun kinderwereld is genadeloos. Intussen proberen de volwassenen de schijn van een onberispelijk leven op te houden. Lars' vader, een corpulente schoenveterverkoper, is soms dagen van huis. Lars vermoedt een geheim. De relatie met zijn vader wordt slechter, terwijl moeder de gezinsleden bij elkaar probeert te houden. Lars ervaart soms dat hij omhoogvliegt en de woonwijk (sarcastisch 'Paradijstuin' genoemd) met zijn bewoners van bovenaf bekijkt. Zo onstaat een beeld van kinderlijke onschuld in totale verlatenheid. Niemand is slecht. 'Kwaad' is e…Lire la suite